
Het sociaal overleg in verschillende sectoren van onze transportsector is volop aan de gang. In sommige sectoren hebben we een akkoord bereikt. In andere sectoren lukt dat helemaal niet.
Succesvol onderhandelen leidt tot resultaat
We zijn er als BTB in geslaagd om in flink wat sectoren sectorale akkoorden af te sluiten binnen de paritair comités. Die akkoorden zijn een stap vooruit voor de werknemers die er elke dag het beste van zichzelf geven.
Uiteraard hadden wij meer verwacht. Jammer genoeg heeft de regering geweigerd om de Wet van 1996 te herzien. Die wet legt een strak keurslijf op aan de loononderhandelingen en liet ons bijzonder weinig – soms zelfs geen – ruimte om grote stappen vooruit te zetten.
Maar wet of geen wet: BTB is niet bij de pakken blijven zitten
We zijn met de werkgevers rond de tafel gaan zitten en hebben geprobeerd inhoudelijke akkoorden te sluiten. En dat is gelukt. In de sectoren van de luchthavens, het wegvervoer en de logistiek, de verhuissector en de handel in brandstoffen hebben we akkoorden bereikt die weliswaar beperkte koopkrachtverbeteringen bevatten, maar toch concrete vooruitgang betekenen voor de werknemers.
Dat bewijst nogmaals: wanneer vakbonden en werkgevers op de juiste golflengte zitten en overtuigd zijn van het nut van sociaal overleg, dan kunnen we vooruitgang boeken aan de onderhandelingstafel.
In de maritieme sectoren zijn de onderhandelingen – zij het moeizaam – nog lopende. In de havens moeten de onderhandelingen nog beginnen.
Sommige werkgevers weigeren gewoon overleg
Door deze weigering botsen we in andere sectoren gewoon op een muur.
In de taxisector en – nog verwonderlijker – in de bus- en autocarbedrijven weigeren werkgevers halsstarrig om tot een akkoord te komen.
In de bussector is er nochtans een lange traditie van degelijk sociaal overleg. Jarenlang was deze sector een voorbeeld voor andere sectoren: stabiele akkoorden, sociale vrede en respect voor de werknemers.
Vandaag breekt de werkgeversorganisatie FBAA met die traditie. Ze weigeren een stap vooruit te zetten. Ze weigeren een inhoudelijk akkoord te sluiten. Ze weigeren hun werknemers zelfs minimale verbeteringen te gunnen – zelfs wanneer het gaat over beperkte vooruitgang zoals maaltijdcheques.Dat is onbegrijpelijk.
Wie niet horen wil, moet voelen
Wij beraden ons dan ook over acties in de sector. De werknemers zullen niet aanvaarden dat er, ondanks het keurslijf van de regering, zelfs geen kleine stap vooruit mogelijk is.
Ook in de taxisector zien we hetzelfde patroon. Daar verschuilen werkgevers zich achter moeilijke marktomstandigheden en de concurrentie van platformbedrijven zoals Uber en Bolt.
Maar laten we eerlijk zijn: een deel van het probleem ligt bij de sector zelf. Te weinig innovatie. Te weinig modernisering. Te weinig visie.
Vandaag hebben wij als vakbond wél een bevredigend sociaal overleg met Uber. Dat is een realiteit. Het is ronduit beschamend dat traditionele werkgeversorganisaties zoals GTL slechter scoren op sociaal overleg dan de platformbedrijven die zij zo vaak bekritiseren.
Wij roepen GTL op om het geweer van schouder te veranderen en alsnog rond de tafel te komen. Ook taxichauffeurs hebben rechten. Ook zij verdienen vooruitgang in hun statuut.
De Wet van ’96 wurgt het overleg
De kern van het probleem blijft de Wet van 1996.
De Arizona-regering weigert die wet te herzien. Nochtans legt ze een dwingend kader op dat het sociaal overleg in veel gevallen quasi onmogelijk maakt. Er wordt voortdurend verwezen naar de concurrentiepositie – bovendien op een discutabele manier berekend – om elke vorm van vooruitgang tegen te houden.
Zelfs in bedrijven die economisch sterk staan. Zelfs in sectoren waar flinke winsten worden geboekt. Zelfs waar aandeelhouders rijkelijk worden beloond. Dat is onaanvaardbaar.
Wij blijven dan ook eisen dat de Wet van ’96 wordt herzien. Sociaal overleg moet ruimte krijgen. Zonder onderhandelingsmarge is overleg een lege doos.
12 maart: tijd om de druk te verhogen
Daarom roepen wij onze militanten en leden op om massaal deel te nemen aan de betoging van 12 maart in Brussel.
Om druk te zetten op de werkgevers in de bus- en carsector. Om druk te zetten op de taxisector.
Maar ook om druk te zetten op de regering.
Want deze Arizona-regering heeft al een hele reeks maatregelen doorgedrukt die recht ingaan tegen de belangen van de werkende bevolking.
De lijst is lang. Te lang.
Voor BTB zijn er drie duidelijke prioriteiten:
Sociaal overleg helpt
Maar alleen wanneer er ruimte is. Alleen wanneer er bereidheid is. Alleen wanneer werknemers sterk genoeg staan.
Daarom: kom op 12 maart naar Brussel.
Wie vooruitgang wil, moet ze afdwingen.
Frank Moreels
Voorzitter BTB-ABVV
De toekomst van werk wordt vandaag geschreven!
Meryame Kitir trok namens BTB naar Londen voor de ITF Future of Work Advisory Group. Samen met voorzitter Frank Moreels, die de vergadering voorzat als president-elect van de ITF, en ITF Jongerenvoorzitter Nick Loridan, nam ze deel aan een internationaal overleg over de impact van artificiële intelligentie, platformwerk en autonoom rijden op de transportsector. We spraken met haar over macht, algoritmes en sociale bescherming in een snel veranderende wereld.
Je bent nog maar net gestart bij BTB. Was dit meteen een intense kennismaking?
Meryame Kitir: "Dat kan je wel zeggen. Maar het was ook een ideale manier om mij snel in te werken. In Londen zaten experten uit de hele wereld rond de tafel – uit de VS, Kenia, Denemarken en vele andere landen. Elk land heeft een andere context, andere regelgeving en een andere economische realiteit. Maar wat opvalt, is dat de impact op werknemers overal dezelfde richting uitgaat: meer druk, meer flexibilisering, minder zekerheid.
De professionele aanpak en dossierkennis waren indrukwekkend. Je gaat naar huis met veel werk, maar ook met veel energie. Dit is geen theoretisch debat. Dit gaat over wat er morgen op onze werkvloer gebeurt."
Waarom spreken jullie over een kantelpunt?
Meryame Kitir: "We zitten op een moment waarop technologie onze sector fundamenteel hertekent. In havens en magazijnen werken robots, in transport worden zelfrijdende voertuigen getest, en platformbedrijven sturen chauffeurs en koeriers aan via algoritmes. Wat vroeger een planner deed, gebeurt vandaag door een digitaal systeem. En soms zit er zelfs geen chauffeur meer in het voertuig."
Meryame Kitir
Autonoom rijden is dus geen toekomstmuziek meer?
Meryame Kitir: "Absoluut niet. In de Verenigde Staten heeft Waymo – het dochterbedrijf van Google – vorig jaar al tientallen miljoenen ritten uitgevoerd met zelfrijdende taxi’s in verschillende steden. Tesla test robottaxi’s zonder stuur of pedalen. Uber positioneert zich als platform dat die autonome ritten kan integreren in zijn app.
Dat betekent dat mobiliteit steeds meer een dienst wordt die via platformen wordt georganiseerd. In bepaalde Amerikaanse steden zou vandaag al een aanzienlijk deel van de markt zonder bestuurder functioneren. In België is er nog geen volledig wettelijk kader voor dit soort voertuigen, maar proefprojecten duiken stilaan op. En wat daar vandaag gebeurt, kan morgen ook hier realiteit worden."
Wat betekent dat concreet voor werknemers?
Meryame Kitir: "De grootste uitdaging is sociale bescherming. Hoe zorg je ervoor dat werknemers de beste bescherming krijgen in nieuwe vormen van werk? Wanneer een algoritme bepaalt wie werkt, tegen welke prijs en hoe snel, verschuift de machtsbalans. Koeriers krijgen soms nog maar twee minuten per pakje. Als het systeem beslist dat je niet meer ‘rendabel’ bent, word je gedeactiveerd. Zonder menselijke tussenkomst. Dat heeft impact op inkomen, veiligheid en rechten."
Dat raakt ook aan de machtsvraag rond data?
Meryame Kitir: "Exact. Wie controleert de data? Wie beheert het algoritme? Dat is vandaag dé machtsvraag. Als vakbond moeten we toegang krijgen tot die systemen. Transparantie is essentieel. Anders worden beslissingen genomen zonder enige sociale tegenmacht.
Iemand in Londen zei het scherp: If you're not sitting at the table, you're on the menu. Dat vat het perfect samen."
Welke rol speelt de nieuwe EU-richtlijn over platformwerk?
Meryame Kitir: "De Europese richtlijn over platformwerk, die tegen eind 2026 moet worden omgezet in nationale wetgeving, is een belangrijke stap vooruit. Ze pakt schijnzelfstandigheid aan en verplicht meer transparantie over algoritmisch management. Werkgevers zullen moeten uitleggen hoe digitale systemen werken en hoe beslissingen tot stand komen. Werknemers krijgen recht op menselijke tussenkomst bij belangrijke beslissingen, zoals deactivering van een account. Dat is een belangrijke machtsverschuiving.
Maar Europa is niet het enige niveau waar dit speelt. Dit voorjaar wordt binnen de ILO-conferentie verder onderhandeld over een internationale conventie én een aanbeveling rond platformarbeid. Dat is cruciaal, want onze sector stopt niet aan de Europese grenzen.

Meryame Kitir
.
Voor ons is het essentieel dat de Belgische regering daar ons standpunt overneemt: duidelijke regulering, sterke rechten en volwaardige sociale bescherming voor platformarbeiders. Niet het verhaal van de werkgeversorganisaties volgen, die net willen dereguleren en rechten afbouwen.
Dit is een fundamentele keuze. Gaan we voor bescherming en eerlijke concurrentie, of voor een race naar beneden?
Als vakbond moeten we erop toezien dat we niet achter de feiten aanlopen, maar mee de spelregels bepalen."
Wat neem je persoonlijk mee uit deze werkgroep?
Meryame Kitir: "Het was een wake-up call. Een duidelijke opdracht: zorg dat je impact hebt. Maar ik ben ook hoopvol. BTB is sterk aanwezig op het terrein. Leden komen niet meer automatisch naar ons kantoor – wij gaan naar hen toe. Dat is cruciaal in een sector waar werk steeds diffuser wordt.
Als vakbond moeten wij ervoor zorgen dat technologie ten dienste staat van mensen – niet omgekeerd."
Een delegatie van BTB-collega’s bracht een bezoek aan Kazerne Dossin. Geen gewone uitstap, maar een plek die confronteert. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werden van hieruit duizenden Joden op transport gezet naar de vernietigingskampen. Wat hier gebeurde, toont hoe een ideologie van haat, uitsluiting en ontmenselijking kan uitmonden in systematische vervolging en moord.
Na het bezoek nam voorzitter Frank Moreels het woord. Zijn boodschap was duidelijk: dit verleden is geen afgesloten hoofdstuk. “Wat hier is gebeurd, toont wat er gebeurt wanneer haat en uitsluiting beleid worden. Dat gevaar is vandaag opnieuw reëel. Ook in zogenaamd sterke democratieën.”
Hij verwees naar recente gebeurtenissen in de Verenigde Staten onder de regering van Donald Trump en noemde twee namen die volgens hem niet vergeten mogen worden: Renée Good en Alex Pretty. Alex was verpleger én vakbondsmilitant. “Eén van ons.”
Volgens Moreels is wat vandaag gebeurt geen ver-van-ons-bedshow. Wanneer haat genormaliseerd wordt en repressie een politiek instrument wordt, komen fundamentele rechten onder druk te staan. Neutraliteit is dan geen optie. “Het was collectief verzet dat het fascisme heeft verslagen. Niet berusting. Niet wegkijken.”
Het bezoek aan Dossin was dan ook meer dan een moment van herdenking. Het was een herinnering aan de maatschappelijke rol van een vakbond. 2026 wordt, zo klonk het, een jaar van waakzaamheid en engagement.



De geplande uitbreiding van het flexi-jobsysteem naar alle sectoren gaat niet van start op 1 april 2026. Die timing blijkt onhaalbaar. De inwerkingtreding wordt uitgesteld tot minstens 1 juli 2026.
Hoewel de ministerraad het voorontwerp van wet al in december 2025 in eerste lezing goedkeurde, moet het voorstel nog langs verschillende adviesorganen passeren, waaronder het Comité A en de Raad van State. Pas daarna kan het terug naar de ministerraad en het parlement voor definitieve goedkeuring. Minister David Clarinval hoopt op een stemming vóór de zomer, maar zekerheid is er niet.
Voor BTB blijft de lijn duidelijk: elke uitbreiding van flexi-jobs moet kritisch worden beoordeeld. De impact op vaste tewerkstelling, loonvoorwaarden en sociale bescherming staat centraal.


In het vorige artikel schreven we al over de geplande uitbreiding van flexi-jobs en de impact op vaste jobs en loonvoorwaarden. Het debat over onze arbeidsmarkt gaat vandaag over flexibiliteit, rechten en bescherming. Net daarom is het belangrijk welke signalen ministers geven.
Tijdens een televisiedebat over de werkloosheidshervorming kwam minister van Werk David Clarinval in opspraak. Hij gebruikte foutieve cijfers en haalde als voorbeeld Transport Michel aan, een bedrijf uit onze sector, waarvan de zaakvoerder eerder werd veroordeeld voor sociale dumping en fraude. Dat raakt ons rechtstreeks.
Sociale dumping is geen abstract begrip. Het is oneerlijke concurrentie in transport, druk op lonen en arbeidsvoorwaarden, en misbruik van werknemers. Terwijl minister Rob Beenders inzet op extra sociale inspecteurs om fraudeurs aan te pakken (zie interview be motion januari 2026), geeft dit optreden een totaal ander signaal.
Voor BTB is de lijn helder: wie hervormingen doorvoert, moet kiezen voor eerlijke concurrentie en sterke sociale bescherming. Niet voor voorbeelden die het tegenovergestelde symboliseren. In dit debat bestaat geen neutraliteit. Zeker niet in onze sector.
Bron foto: belgium24.eu
Ook in deze winterperiode tonen de BTB Social Class Heroes waar vakbondswerk voor staat: solidariteit en zorg voor elkaar. Met veel trots schonken zij 1.496 euro aan het Kinderkankerfonds, dat kinderen met kanker en hun gezinnen ondersteunt.
Het bedrag werd ingezameld door geëngageerde arbeiders uit transport en logistiek in Oost-Vlaanderen, samen met de havenarbeiders van Gent.
De Social Class Heroes, een initiatief binnen BTB-ABVV Oost-Vlaanderen, zetten zich actief in voor sociale acties en goede doelen die gelijkheid, inclusie en solidariteit versterken.


Dat er nog te veel gaten zitten in de bescherming van werknemers, weten we allemaal. Eén van die grootste gaten is het misbruik van onderaanneming.
Onderaanneming op zich is niet frauduleus. In de transportsector is het zelfs een vaak gebruikt mechanisme. Mits correcte toepassing kan het perfect functioneren met respect voor werknemers en sociale regels. Maar steeds vaker wordt het systeem misbruikt om verantwoordelijkheid af te schuiven, winsten te maximaliseren en sociale wetgeving te omzeilen.
De praktijk is bekend: de prijs wordt gedrukt via onderaannemers, verantwoordelijkheid verdwijnt in een ingewikkelde keten, en wanneer fraude of sociale dumping aan het licht komt, gaat de onderaannemer failliet. De werknemers blijven achter met de schade. De analyse is duidelijk. De oplossing vraagt politieke moed. Daarom pleiten vakbonden al langer voor twee cruciale ingrepen op Europees niveau: hoofdelijke aansprakelijkheid en een beperking van de onderaannemingsketen.
Hoofdelijke aansprakelijkheid
Wanneer de opdrachtgever mee verantwoordelijk wordt voor misbruiken bij onderaannemers, verandert het spel fundamenteel. Vandaag bepalen opdrachtgevers de prijs, maar ontsnappen ze aan verantwoordelijkheid wanneer het fout loopt. Door hen aansprakelijk te maken, doorbreken we het systeem waarbij risico’s worden doorgeschoven naar de zwakste schakel.
Beperking van de keten
In veel sectoren is onderaanneming vandaag een kluwen van bedrijven onder elkaar. Die ondoorzichtige ketens maken controle moeilijk en misbruik gemakkelijk. Een beperking tot maximaal twee schakels brengt duidelijkheid én verantwoordelijkheid. Het Europees Parlement heeft nu een belangrijke eerste stap gezet met een officieel rapport dat de problemen scherp analyseert en oplossingen voorstelt.
Nu is het aan de Europese Commissie om dit om te zetten in duidelijke en afdwingbare regels. Want zonder echte verantwoordelijkheid blijven werknemers en eerlijke bedrijven de prijs betalen.
BTB laat dit dossier niet los. Twee keer trokken we met een stevige delegatie naar Straatsburg om druk te zetten en duidelijk te maken dat werknemers geen speelbal zijn in onderaannemingsconstructies. We blijven aan de bel hangen tot er echte regels komen.
Wat de Arizona-regering presenteert als een beperkte ingreep in de index, heeft gevolgen die veel verder reiken dan één jaar. Twee keer een zogenaamde ‘indexsprong light’ lijkt technisch, maar het effect voel je de rest van je loopbaan.
De automatische indexering is geen extraatje. Ze beschermt je loon en uitkering wanneer de prijzen stijgen. Toch wordt die bescherming nu deels uitgehold. In 2026 en 2028 worden lonen boven 4.000 euro bruto en uitkeringen boven 2.000 euro bruto niet volledig geïndexeerd. Alles wat boven die grenzen zit, verliest koopkracht — en dat verlies blijft doorwerken in de toekomst.
Wat vandaag als een beperkte correctie wordt voorgesteld, is in werkelijkheid een structurele achteruitgang. Want wat je één keer niet krijgt, bouw je ook later niet meer op.
Bereken wat jij verliest
Met de ABVV-calculator kun je nagaan wat deze maatregel voor jou concreet betekent. De cijfers spreken voor zich en tonen waarom aan de index morrelen nooit onschuldig is.

De jongerenwerking van BTB Haven heeft haar eerste vergadering van het nieuwe jaar achter de rug en zet meteen een belangrijke stap vooruit. Tijdens deze bijeenkomst werd beslist om voortaan te werken met een vaste en duidelijke structuur.
Via verkiezingen werd een kernbestuur samengesteld dat in de toekomst acties, initiatieven en overlegmomenten mee zal aansturen en begeleiden. Met deze nieuwe organisatievorm willen de jongeren niet alleen efficiënter werken, maar vooral ook de inspraak van jonge havenarbeiders structureel verankeren binnen de werking.
De jongerenwerking werd opgericht in 2017 en is intussen uitgegroeid tot een sterke groep van een vijftigtal actieve leden uit de drie Belgische zeehavens. Wat begon als een initiatief om jonge havenarbeiders dichter bij de vakbond te betrekken, is vandaag een dynamisch netwerk waar engagement, solidariteit en kameraadschap centraal staan.
Met de invoering van een kernbestuur hopen de jongeren hun werking verder te versterken en hun stem nog nadrukkelijker te laten horen binnen BTB.
Tegelijk blijft groei een belangrijke ambitie. In de toekomst willen ze nog meer jonge havenarbeiders aanspreken en overtuigen om zich aan te sluiten bij de jongerenwerking.
HOE KAN JIJ JE AANSLUITEN?
Ben jij havenarbeider, lid van BTB en jonger dan 35 jaar? Dan ben jij van harte welkom om mee je schouders te zetten onder onze jongerenwerking. Neem contact op met ons secretariaat Haven voor meer info en ontdek hoe jij kan aansluiten.
Werk jij in de maritieme sector of ben je tewerkgesteld in het wegvervoer of de logistiek en ben je jonger dan 35 jaar? Ben je ook geïnteresseerd in de jongerenwerking binnen de vakbond, neem dan contact op met:
.jpeg?etag=%223c296-699595fb%22&sourceContentType=image%2Fjpeg&ignoreAspectRatio&resize=343%2B193&extract=0%2B0%2B303%2B193&quality=85)
.jpeg?etag=%222c9d2-699595fb%22&sourceContentType=image%2Fjpeg&ignoreAspectRatio&resize=343%2B193&extract=0%2B0%2B303%2B193&quality=85)

Bereikbare dienstverlening voor leden op de Linkerscheldeoever
Sinds 11 september is het tijdelijke BTB-steunpunt in Zwijndrecht operationeel. Met deze bijkomende locatie versterkt BTB haar aanwezigheid op de Linkerscheldeoever en zorgen we ervoor dat leden ook in de eigen regio terechtkunnen voor syndicale ondersteuning.
De sluiting van de Waaslandtunnel en nu ook de premetrotunnel onder de Schelde maakt de verplaatsing naar Antwerpen vandaag minder evident. Het steunpunt in Zwijndrecht biedt daarom een praktische oplossing voor wie in de regio woont of werkt. Tegelijk past deze stap in een bredere keuze: onze dienstverlening zo toegankelijk mogelijk organiseren.
Volwaardige ondersteuning
In het steunpunt kan je terecht voor:
Onze medewerkers bieden er dezelfde professionele begeleiding als in het hoofdkantoor op de Paardenmarkt.
Praktische informatie
BTB – Tijdelijk steunpunt Zwijndrecht
Dorp West 12 A – 2070 Zwijndrecht
Dienst haven (secretariaat & werkloosheid):
Dinsdag & donderdag
Ook de vakgroep Wegvervoer & Logistiek breidde haar dienstverlening uit in het steunpunt in Zwijndrecht.
Leden uit Zwijndrecht, Beveren, Kallo, Melsele en de ruime regio Linkerscheldeoever kunnen hier rechtstreeks terecht. Met dit tijdelijke steunpunt blijft BTB investeren in bereikbaarheid en sterke dienstverlening, ook wanneer mobiliteit onder druk staat.
Op de Donau werken duizenden schippers en bemanningsleden in een complexe omgeving waar verschillende landen en regels samenkomen. Dat zorgt vaak voor onzekerheid over welke arbeidsvoorwaarden gelden, hoe rusttijden gecontroleerd worden en wie verantwoordelijk is wanneer er iets misloopt. In zo’n versnipperd systeem dreigen werknemers al te snel de dupe te worden van onduidelijke afspraken of sociale dumping.
Tijdens een bijeenkomst van de Donaucommissie heeft de European Transport Workers’ Federation (ETF) deze problemen opnieuw op tafel gelegd. Voor de vakbond is het duidelijk: binnenvaart mag geen grijze zone zijn waar regels verschillen naargelang het land of de opdrachtgever.
Voor schippers gaat het om heel concrete zaken: correcte lonen, respect voor werk- en rusttijden, duidelijke contracten en erkenning van beroepskwalificaties over de grenzen heen. BTB & ETF vragen daarom strengere en transparantere controles, onder meer via betrouwbare digitale registratiesystemen, zodat fraude en concurrentievervalsing kunnen worden aangepakt. Ook de positie van niet-EU-bemanningen, die vaak extra administratieve drempels ervaren, werd aangekaart.
De inzet is helder: eerlijke concurrentie en sterke sociale bescherming moeten hand in hand gaan. Binnenvaart moet niet alleen efficiënt zijn, maar ook rechtvaardig georganiseerd. De vakbond blijft daarvoor druk uitoefenen op Europees niveau.
